ECLI:NL:HR:2006:AZ3364

Hoge Raad

Datum uitspraak
1 december 2006
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
42503
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Verwijzingen
1 uitgaand · 4 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad bevestigt naheffingsaanslag belasting personenauto's en motorrijwielen

Belanghebbende kreeg een naheffingsaanslag opgelegd in de belasting van personenauto's en motorrijwielen ter hoogte van € 24.910. Na bezwaar en beroep bij het hof werd de aanslag gehandhaafd en het beroep ongegrond verklaard. Belanghebbende stelde daarop cassatieberoep in bij de Hoge Raad.

In cassatie klaagde belanghebbende dat het hof haar aanbod om stukken over haar woonplaats in België ter zitting te overleggen, zou hebben afgewezen. De Hoge Raad constateert echter dat noch uit de uitspraak van het hof, noch uit het proces-verbaal van de zitting blijkt dat een dergelijk aanbod is gedaan. Hierdoor ontbreekt feitelijke grondslag voor de klacht.

De Hoge Raad oordeelt dat er geen gronden zijn om het cassatieberoep gegrond te verklaren en dat ook geen reden bestaat om proceskosten toe te wijzen. Het beroep wordt dan ook ongegrond verklaard en de uitspraak van het hof blijft in stand.

Uitkomst: Het cassatieberoep wordt ongegrond verklaard en de naheffingsaanslag blijft gehandhaafd.

Uitspraak

Nr. 42.503
1 december 2006
PEB
gewezen op het beroep in cassatie van X te Z (België) tegen de uitspraak van het Gerechtshof te Leeuwarden van 2 september 2005, nr. BK 266/04, betreffende na te melden naheffingsaanslag in de belasting van personenauto's en motorrijwielen.
1. Naheffingsaanslag, bezwaar en geding voor het Hof
Aan belanghebbende is een naheffingsaanslag in de belasting van personenauto's en motorrijwielen opgelegd ten bedrage van € 24.910. Na door belanghebbende daartegen gemaakt bezwaar heeft de Inspecteur de naheffingsaanslag gehandhaafd.
Belanghebbende is tegen die uitspraak in beroep gekomen bij het Hof.
Het Hof heeft het beroep ongegrond verklaard. De uitspraak van het Hof is aan dit arrest gehecht.
2. Geding in cassatie
Belanghebbende heeft tegen 's Hofs uitspraak beroep in cassatie ingesteld. Het beroepschrift in cassatie is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Staatssecretaris van Financiën heeft een verweerschrift ingediend.
Belanghebbende heeft een conclusie van repliek ingediend.
3. Beoordeling van de klacht
Belanghebbende voert aan dat het Hof haar aanbod om ter zitting stukken over te leggen ter ondersteuning van haar stelling dat zij haar woonplaats in België had, heeft afgewezen. Noch uit de uitspraak van het Hof noch uit het proces-verbaal van de zitting - deze zijn voor de Hoge Raad de enige kenbronnen van hetgeen ter zitting is voorgevallen - blijkt dat belanghebbende een zodanig aanbod heeft gedaan. De klacht faalt derhalve bij gebrek aan feitelijke grondslag.
4. Proceskosten
De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten.
5. Beslissing
De Hoge Raad verklaart het beroep ongegrond.
Dit arrest is gewezen door de vice-president D.G. van Vliet als voorzitter, en de raadsheren P. Lourens en E.N. Punt in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier E. Cichowski, en in het openbaar uitgesproken op 1 december 2006.