ECLI:NL:HR:2007:AZ4847
Hoge Raad
- Cassatie
- J.B. Fleers
- O. de Savornin Lohman
- P.C. Kop
- J.C. van Oven
- F.B. Bakels
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Verzekeringsrechtelijke geschil over dekking aansprakelijkheidsverzekering na medische beroepsfout
Winterthur, bestaande uit twee verzekeringsmaatschappijen, vorderde van VVAA een bedrag wegens schadeafwikkeling na een medische beroepsfout. De rechtbank wees de vordering af, wat Winterthur aanvocht in hoger beroep. Het gerechtshof Amsterdam bevestigde het vonnis van de rechtbank en wees de vordering opnieuw af. Winterthur stelde daarop beroep in cassatie in tegen deze uitspraken, terwijl VVAA voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep instelde.
De Hoge Raad beoordeelde de middelen van Winterthur en concludeerde dat deze niet tot cassatie konden leiden. Gezien artikel 81 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie was nadere motivering niet nodig omdat de klachten geen rechtsvragen in het belang van rechtseenheid of rechtsontwikkeling opriepen. Het voorwaardelijk incidentele cassatieberoep van VVAA werd hierdoor niet behandeld.
De Hoge Raad verwierp het principale cassatieberoep en veroordeelde Winterthur in de kosten van het geding in cassatie. Hiermee werd de beslissing van het gerechtshof bevestigd en bleef de afwijzing van de vordering in stand.
Uitkomst: Het cassatieberoep van Winterthur wordt verworpen en de eerdere afwijzing van de vordering blijft in stand.