ECLI:NL:HR:2007:AZ6664
Hoge Raad
- Cassatie
- F.H. Koster
- A.J.A. van Dorst
- J. de Hullu
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt opzettelijke weigering medewerking ademanalyse ondanks diabetesverweer
Verdachte werd veroordeeld voor het opzettelijk niet meewerken aan een ademanalyse op 16 oktober 2003 te Veldhoven, nadat hij was bevolen ademlucht te blazen in een daarvoor bestemd apparaat. Hij beriep zich op zijn diabetes en een hypoglykemische aanval (hypo) waardoor hij niet bewust zou hebben geweigerd.
Het hof stelde vast dat verdachte zich niet bewust was van zijn weigering niet aannemelijk was, mede gelet op verklaringen van verbalisanten die verdachte zagen tegenwerken en expliciet hoorden zeggen dat hij niet wilde meewerken. Verdachte had niet ondubbelzinnig een bijzondere geneeskundige reden kenbaar gemaakt om niet mee te werken.
De Hoge Raad bevestigde dat overtreding van art. 163, tweede lid, WVW 1994 alleen strafbaar is bij opzet en oordeelde dat het hof terecht had geoordeeld dat verdachte opzettelijk niet meewerkte. Het beroep op hypoglykemie als uitsluitingsgrond voor opzet werd verworpen.
Het cassatieberoep werd verworpen, waarmee de veroordeling tot een taakstraf en ontzegging van de rijbevoegdheid in stand bleef.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de veroordeling van verdachte voor opzettelijke weigering medewerking aan ademanalyse ondanks diabetesverweer.