ECLI:NL:HR:2007:BA1414
Hoge Raad
- Cassatie
- J.B. Fleers
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- A. Hammerstein
- F.B. Bakels
- W.D.H. Asser
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid en verjaring bij beschadiging gasleiding door kraan op schip tijdens baggerwerk
In deze zaak vordert Essent Netwerken B.V. schadevergoeding van [eiseres], die als onderaannemer baggerwerkzaamheden verrichtte met een motorkraanschip. Tijdens de werkzaamheden raakte de kraan op het schip een gasleiding van Essent, waardoor schade ontstond.
Essent baseerde haar vordering op onrechtmatige daad, terwijl [eiseres] zich beroept op verjaring ingevolge artikel 8:1793 BW Pro, dat een kortere verjaringstermijn kent voor schade door aanvaring. De rechtbank wees de vordering af wegens verjaring, maar het hof oordeelde anders en stelde dat cumulatief zowel onrechtmatige daad als aanvaring van toepassing konden zijn.
De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof en bekrachtigt het vonnis van de rechtbank. De Hoge Raad stelt dat de wettelijke regeling inzake aanvaring exclusief geldt voor schade veroorzaakt door een binnenschip, maar dat schade door een kraan aan boord van een schip niet als aanvaring in de zin van artikel 8:1002 BW Pro kwalificeert. Hierdoor kan Essent zich niet beroepen op de kortere verjaringstermijn van artikel 8:1793 BW Pro. De vordering van Essent is echter verjaard, zodat het vonnis van de rechtbank wordt bekrachtigd.
De Hoge Raad benadrukt dat voor aanvaring niet vereist is dat sprake is van een nautische fout of dat de oorzaak duurzaam met het schip verbonden is. Het arrest bevat tevens een uitgebreide motivering over de samenloop van rechtsgronden en de exclusieve werking van bijzondere wettelijke regelingen.
Uitkomst: De vordering van Essent is verjaard en wordt afgewezen; het vonnis van de rechtbank wordt bekrachtigd.