ECLI:NL:HR:2007:BA2015
Hoge Raad
- Cassatie
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- J.C. van Oven
- F.B. Bakels
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Beëindiging alimentatieverplichting bij kinderloos echtscheidingsconvenant
De zaak betreft een geschil tussen voormalige echtelieden over de vraag of de alimentatieverplichting van de man uit hoofde van een echtscheidingsconvenant ingevolge artikel 1:157 lid 6 BW Pro van rechtswege is geëindigd omdat hun huwelijk kinderloos is gebleven.
De man verzocht de rechtbank om de alimentatieverplichting te beëindigen per 1 juli 2003 dan wel per 7 maart 2005. De rechtbank wees dit verzoek deels toe door de alimentatie vanaf 1 februari 2005 te verlagen tot €300 per maand. De man ging in hoger beroep, waarna het hof de beschikking van de rechtbank vernietigde en vaststelde dat de alimentatieverplichting van rechtswege was geëindigd op 7 maart 2005.
De vrouw stelde beroep in cassatie in tegen deze uitspraak. De Hoge Raad oordeelde dat de klachten van de vrouw niet tot cassatie konden leiden en verwierp het beroep. De Hoge Raad bevestigde daarmee dat de alimentatieverplichting uit het echtscheidingsconvenant is geëindigd vanwege het ontbreken van kinderen in het huwelijk.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt dat de alimentatieverplichting van de man is geëindigd wegens kinderloosheid van het huwelijk.