ECLI:NL:HR:2007:BA3602

Hoge Raad

Datum uitspraak
12 juni 2007
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
01472/06
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 266 SrArt. 267 SrArt. 81 RO
Verwijzingen
6 uitgaand · 4 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping cassatieberoep inzake belediging ambtenaar bij rechtmatige bediening

De verdachte werd beschuldigd van winkeldiefstal en uitte op het politiebureau de woorden 'racisten, jullie zijn racisten' richting politieagenten. Dit werd aangemerkt als een belediging van een ambtenaar tijdens of ter zake van diens rechtmatige bediening, zoals bedoeld in artikel 266 lid 1 juncto Pro artikel 267 lid 2 van Pro het Wetboek van Strafrecht.

In cassatie werd betoogd dat de context van de uiting relevant zou moeten zijn voor de beoordeling van het beledigende karakter. De Hoge Raad overwoog echter dat de term 'racist' een verwijzing inhoudt naar een maatschappelijk afkeurenswaardig gedachtegoed, waardoor deze aanduiding door de meeste mensen zonder meer als beledigend wordt ervaren. De context doet daarbij niet ter zake.

Het middel van cassatie werd verworpen zonder nadere motivering, omdat het niet tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van rechtseenheid of rechtsontwikkeling noodzaakte. De Hoge Raad zag ook geen reden om ambtshalve de bestreden uitspraak te vernietigen en wees het beroep af.

Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte wegens belediging van een ambtenaar wordt verworpen.

Uitspraak

12 juni 2007
Strafkamer
nr. 01472/06
JB/SM
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een bij verstek gewezen arrest van het Gerechtshof te Leeuwarden van 31 januari 2006, nummer 24/001272-05, in de strafzaak tegen:
[verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1974, wonende te [woonplaats].
1. Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. A.G. Ouwejan, advocaat te Culemborg, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De waarnemend Advocaat-Generaal Bleichrodt heeft geconcludeerd dat de Hoge Raad het beroep zal verwerpen.
2. Beoordeling van het middel
Het middel kan niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 RO Pro, geen nadere motivering nu het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
3. Slotsom
Nu het middel niet tot cassatie kan leiden, terwijl de Hoge Raad ook geen grond aanwezig oordeelt waarop de bestreden uitspraak ambtshalve zou behoren te worden vernietigd, moet het beroep worden verworpen.
4. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president F.H. Koster als voorzitter, en de raadsheren A.J.A. van Dorst en J. de Hullu, in bijzijn van de waarnemend griffier J.D.M. Hart, en uitgesproken op 12 juni 2007.