ECLI:NL:HR:2007:BA5316
Hoge Raad
- Cassatie
- D.H. Beukenhorst
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- J.C. van Oven
- F.B. Bakels
- C.A. Streefkerk
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt kinderalimentatieverplichting vader op basis van draagkracht
De moeder verzocht bij de rechtbank 's-Gravenhage om vaststelling van kinderalimentatie ten behoeve van hun minderjarige dochter, waarbij zij een bedrag van €181,51 per maand eiste. De vader betwistte dit en stelde dat de bijdrage nihil moest zijn. De rechtbank wees het verzoek toe en bepaalde de alimentatie op €181,51 per maand. De vader ging in hoger beroep, maar het gerechtshof te 's-Gravenhage bekrachtigde de beschikking en wees het hoger beroep af.
Vervolgens stelde de vader beroep in cassatie in bij de Hoge Raad. De Hoge Raad beoordeelde de aangevoerde klachten en oordeelde dat deze niet tot cassatie konden leiden. Er waren geen rechtsvragen die beantwoording behoefden in het belang van de rechtseenheid of rechtsontwikkeling. Daarom werd het beroep verworpen.
De beschikking van het gerechtshof bleef daarmee in stand en de vader blijft gehouden tot betaling van de kinderalimentatie. De uitspraak bevestigt de toepassing van art. 81 RO Pro in cassatieprocedures betreffende familierechtelijke geschillen over kinderalimentatie en de toetsing van draagkracht van de onderhoudsplichtige.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de kinderalimentatie van €181,51 per maand.