ECLI:NL:HR:2007:BB3427
Hoge Raad
- Cassatie
- D.G. van Vliet
- A.E.M. van der Putt-Lauwers
- F.W.G.M. van Brunschot
- P. Lourens
- E.N. Punt
- Rechtspraak.nl
Geen aftrek voorbelasting advieskosten ter zake van geldvordering ontstaan vóór ondernemerschap
In deze zaak stond centraal of advieskosten die een belastingplichtige maakte om een geldvordering veilig te stellen, welke was ontstaan vóór de aanvang van het ondernemerschap, in aanmerking komen voor aftrek van voorbelasting. De Hoge Raad verwees voorafgaand aan zijn arrest aan het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen voor een prejudiciële beslissing over de uitleg van artikel 17, lid 2, van de Zesde richtlijn.
Het Hof van Justitie oordeelde dat dergelijke advieskosten niet rechtstreeks en onmiddellijk verband houden met de economische activiteit die de belastingplichtige vanaf het moment van ondernemerschap verricht, en daarom geen recht op aftrek van de btw geven. De Hoge Raad paste deze uitleg toe op het geschil van belanghebbende Investrand B.V., die advieskosten had gemaakt in verband met een geldvordering voortvloeiend uit een aandelenverkoop vóór haar ondernemerschap.
De Hoge Raad concludeerde dat de advieskosten niet in aanmerking komen voor aftrek van voorbelasting omdat zij niet direct verbonden zijn met de economische activiteit van belanghebbende vanaf 1 januari 1993. Tevens wees de Hoge Raad de middelen van cassatie af en veroordeelde belanghebbende niet in de proceskosten.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart het beroep ongegrond en bevestigt dat advieskosten voor een geldvordering ontstaan vóór ondernemerschap niet aftrekbaar zijn.