ECLI:NL:HR:2008:BC5748
Hoge Raad
- Cassatie
- J.W. van den Berge
- L. Monné
- C.J.J. van Maanen
- J.W.M. Tijnagel
- A.H.T. Heisterkamp
- Rechtspraak.nl
Beoordeling gebruikersbelasting bij onroerende zaak in aanbouw
Belanghebbende kreeg voor het jaar 2000 een aanslag onroerendezaakbelasting opgelegd voor een perceel met een bioscoopgebouw in aanbouw. Na bezwaar handhaafde de gemeente de aanslag, maar het Hof verklaarde het beroep gegrond, vernietigde de uitspraak en verminderde de aanslag. Belanghebbende stelde hiertegen cassatie in.
De Hoge Raad overwoog dat het gebouw in aanbouw wel degelijk kan worden betrokken bij de onroerendezaakbelasting volgens artikel 220, letter a, van de Gemeentewet. Het gebruik van de grond en het gebouw in aanbouw wordt aangemerkt als gebruik in de zin van de wet, zeker als de bouw plaatsvindt met het oog op eigen gebruik, verhuur of verkoop.
Het Hof had terecht geoordeeld dat belanghebbende op de peildatum als gebruiker van het belastingobject in aanbouw werd beschouwd. De Hoge Raad verklaarde het cassatieberoep ongegrond en wees geen proceskosten toe.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart het cassatieberoep ongegrond en bevestigt dat een gebouw in aanbouw kan worden betrokken in de gebruikersbelasting.