ECLI:NL:HR:2008:BC6627
Hoge Raad
- Cassatie
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- A. Hammerstein
- J.C. van Oven
- W.D.H. Asser
- Rechtspraak.nl
Beëindiging schuldsaneringsregeling wegens verzwijging door schuldenaar
De rechtbank Utrecht heeft op voordracht van de rechter-commissaris de schuldsaneringsregeling van verzoeker beëindigd op grond van artikel 350 lid 3 sub c van Pro de Faillissementswet wegens verzwijging van detenties op de toelatingszitting. Verzoeker stelde hiertegen hoger beroep in bij het gerechtshof Amsterdam, dat het vonnis van de rechtbank bekrachtigde.
Verzoeker stelde vervolgens beroep in cassatie in tegen het arrest van het hof. De Advocaat-Generaal adviseerde tot verwerping van het cassatieberoep. De Hoge Raad oordeelde dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie konden leiden en dat geen nadere motivering noodzakelijk was omdat de klachten geen rechtsvragen opriepen die van belang zijn voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling.
Het arrest van de Hoge Raad van 25 april 2008 bevestigt daarmee de beëindiging van de schuldsaneringsregeling wegens verzwijging door de schuldenaar, waarmee de schuldsaneringsregeling definitief wordt stopgezet.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de beëindiging van de schuldsaneringsregeling wegens verzwijging.