ECLI:NL:HR:2008:BC7572

Hoge Raad

Datum uitspraak
25 maart 2008
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
07/12994 H
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Herziening
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 12 SvArt. 457 Sv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid van herzieningsverzoek tegen beschikking niet vervolgen

De zaak betreft een verzoek tot herziening van twee beschikkingen van het Gerechtshof Amsterdam waarin beklag over het niet vervolgen van strafbare feiten werd afgewezen. De aanvrager had deze beschikkingen aangevochten bij de Hoge Raad.

De Hoge Raad heeft overwogen dat een beschikking op een beklag als bedoeld in artikel 12 van Pro het Wetboek van Strafvordering geen einduitspraak houdende veroordeling is in de zin van artikel 457, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering. Hierdoor kan een verzoek tot herziening van een dergelijke beschikking niet worden ontvangen.

De Hoge Raad verklaart daarom het verzoek tot herziening niet-ontvankelijk en wijst het verzoek af. Dit arrest bevestigt de strikte toepassing van de voorwaarden voor herziening en verduidelijkt dat alleen einduitspraken houdende veroordeling voor herziening in aanmerking komen.

Uitkomst: Het verzoek tot herziening wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat de beschikking geen einduitspraak houdende veroordeling is.

Uitspraak

25 maart 2008
Strafkamer
nr. 07/12994 H
SM
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op een aanvrage tot herziening
a. van een beschikking van het Gerechtshof te Amsterdam van 12 oktober 2007, nummer K06/1562 en
b. van een beschikking van het Gerechtshof te Amsterdam van 12 oktober 2007, nummer K07/0048,
ingediend door:
[aanvrager], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1949, wonende te [woonplaats].
1. De beschikkingen waarvan herziening is gevraagd
Het Hof heeft in elk van de beschikkingen een beklag van de aanvrager over het niet vervolgen van strafbare feiten afgewezen.
2. De aanvrage tot herziening
De aanvrage tot herziening en de brieven van de aanvrager van 12 december 2007 en 2 januari 2008 die strekken tot aanvulling van de aanvrage zijn aan dit arrest gehecht en maken daarvan deel uit.
3. Beoordeling van de aanvrage
3.1. Art. 457, eerste lid, Sv luidt, voor zover voor de beoordeling van de aanvrage van belang, als volgt:
"Herziening van eene in kracht van gewijsde gegane einduitspraak houdende veroordeeling, kan worden aangevraagd:
1°. (...)
2°. (...)
3°. (...)"
3.2. De aanvrage zal niet tot herziening kunnen leiden, omdat een beschikking op een beklag als bedoeld in art. 12 Sv Pro, als waarvan te dezen sprake is, niet is een einduitspraak houdende veroordeling in de zin van art. 457, eerste lid, Sv. De aanvrage kan derhalve niet worden ontvangen.
4. Beslissing
De Hoge Raad verklaart de aanvrage niet-ontvankelijk.
Dit arrest is gewezen door de vice-president G.J.M. Corstens als voorzitter, en de raadsheren B.C. de Savornin Lohman en W.A.M. van Schendel, in bijzijn van de waarnemend griffier L.J.J. Okker-Braber, en uitgesproken op 25 maart 2008.