ECLI:NL:HR:2008:BC9174
Hoge Raad
- Cassatie
- J.W. van den Berge
- C. Schaap
- A.H.T. Heisterkamp
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt hofuitspraak over aftrek verbouwingskosten pand met gemengd gebruik
Belanghebbende en haar echtgenoot verkregen in 1997 een pand dat in gebruik was als kantoor. In 2000 werd het pand verbouwd om de oorspronkelijke woonfunctie te herstellen; de eerste verdieping werd verhuurd, de begane grond niet. Belanghebbende bracht onderhoudskosten ter hoogte van ƒ 39.814 in aftrek, waarvan een deel werd erkend door de Inspecteur.
Het hof oordeelde dat de verbouwingskosten van de begane grond niet aftrekbaar waren omdat daar geen inkomsten uit werden ontvangen of verwacht. Belanghebbende stelde in cassatie dat het hof ten onrechte de begane grond als afzonderlijke bron van inkomen beoordeelde, terwijl het pand als geheel moet worden beschouwd.
De Hoge Raad stelde dat het hof een onjuiste rechtsopvatting had gehanteerd door de verbouwingskosten van de begane grond niet toe te laten, omdat het pand in de regel bestemd is om inkomsten te genereren, ook al werd het tijdelijk niet verhuurd. Alleen indien het pand met speculatieve bedoelingen was verworven, zou dit anders kunnen zijn, maar dat was niet vastgesteld.
De Hoge Raad verklaarde het cassatieberoep gegrond, vernietigde het arrest van het hof en verwees de zaak naar het Gerechtshof Amsterdam voor verdere behandeling met inachtneming van dit arrest. De Hoge Raad gelastte tevens vergoeding van het griffierecht aan belanghebbende.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt gegrond verklaard, het arrest van het hof vernietigd en de zaak verwezen voor herbeoordeling.