ECLI:NL:HR:2008:BD1728

Hoge Raad

Datum uitspraak
16 september 2008
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
00909/07
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Rechters
  • G.J.M. Corstens
  • J.W. Ilsink
  • J. de Hullu
  • W.M.E. Thomassen
  • H.A.G. Splinter-van Kan
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 RO
Verwijzingen
2 uitgaand · 5 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping beroep op noodweer en noodweerexces door Hoge Raad

In deze strafzaak heeft de verdachte cassatie ingesteld tegen een arrest van het gerechtshof te 's-Gravenhage, waarin het hof het beroep op noodweer en noodweerexces verwierp. Het hof oordeelde dat niet aannemelijk was geworden dat de verdachte zich aan de als bedreigend ervaren situatie kon onttrekken; integendeel, de verdachte had bewust de confrontatie opgezocht. Daarnaast stelde het hof dat het bewezenverklaarde niet het gevolg was van een hevige gemoedsbeweging veroorzaakt door de voorafgaande wederrechtelijke aanranding.

De Advocaat-Generaal concludeerde tot verwerping van het cassatieberoep, en de Hoge Raad nam het schriftelijk commentaar van de verdediging in overweging. De Hoge Raad oordeelde dat de middelen niet tot cassatie konden leiden en dat geen reden bestond om het arrest ambtshalve te vernietigen.

De Hoge Raad bevestigde daarmee het oordeel van het hof en verwierp het beroep van de verdachte. Dit arrest werd gewezen door de strafkamer van de Hoge Raad op 16 september 2008, waarbij de vice-president als voorzitter en vier raadsheren betrokken waren.

Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het arrest van het hof wordt bevestigd.

Uitspraak

16 september 2008
Strafkamer
nr. 00909/07
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Gravenhage van 24 november 2006, nummer 22/002891-06, in de strafzaak tegen:
[verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1983, wonende te [woonplaats].
1. Geding in cassatie
1.1. Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze hebben mr. I.A. van Straalen en mr. J. Goudswaard, beiden advocaat te 's-Gravenhage, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal Machielse heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
1.2. De Hoge Raad heeft kennisgenomen van het schriftelijk commentaar van de raadslieden op de conclusie van de Advocaat-Generaal.
2. Beoordeling van de middelen
De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 RO Pro, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
3. Slotsom
Nu geen van de middelen tot cassatie kan leiden, terwijl de Hoge Raad ook geen grond aanwezig oordeelt waarop de bestreden uitspraak ambtshalve zou behoren te worden vernietigd, moet het beroep worden verworpen.
4. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president G.J.M. Corstens als voorzitter, en de raadsheren J.W. Ilsink, J. de Hullu, W.M.E. Thomassen en H.A.G. Splinter-van Kan, in bijzijn van de griffier S.P. Bakker, en uitgesproken op 16 september 2008.