ECLI:NL:HR:2008:BD2361
Hoge Raad
- Cassatie
- E.J. Numann
- J. de Hullu
- W.M.E. Thomassen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen leden Strafkamer Hoge Raad wegens gebrek aan onpartijdigheid
De zaak betreft een wrakingsverzoek van de raadsman van de verzoeker tegen de leden van de Strafkamer van de Hoge Raad, belast met de behandeling van cassatieberoepen in strafzaken tegen de verzoeker. De wrakingsgronden betreffen ordemaatregelen genomen door de voorzitter van de meervoudige strafkamer, waaronder het afbreken van het pleidooi na 65 minuten en het afwijzen van verzoeken van de raadsman.
De Hoge Raad overweegt dat ordemaatregelen binnen de discretionaire bevoegdheid van de voorzitter vallen en dat geen feiten of omstandigheden zijn gebleken die de onpartijdigheid van de rechters aantasten. De voorzitter heeft zijn taak op redelijke wijze uitgeoefend, onder meer door de raadsman voldoende gelegenheid te geven zijn betoog te doen en door het tijdsbestek vooraf kenbaar te maken.
Verder wordt overwogen dat het proces-verbaal een zakelijke weergave is en geen woordelijk verslag behoeft te bevatten, en dat de raadsman toestemming had voor een beeldopname van de zitting. Gezien het gehalte en de veelheid van wrakingsverzoeken in deze procedure stelt de wrakingskamer vast dat sprake is van misbruik van het wrakingsrecht en bepaalt dat een volgend wrakingsverzoek niet in behandeling wordt genomen.
De beslissing is genomen door de raadsheren Numann, de Hullu en Thomassen en op 23 mei 2008 openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de leden van de Strafkamer van de Hoge Raad wordt afgewezen en een volgend wrakingsverzoek wordt niet in behandeling genomen wegens misbruik.