ECLI:NL:CRVB:2010:BO8561
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing van meerdere wrakingsverzoeken tegen behandelende rechters in hoger beroep sociale zekerheidszaak
Verzoeker heeft in hoger beroep tegen een uitspraak van de rechtbank Amsterdam meerdere wrakingsverzoeken ingediend tegen de behandelende rechters van de Centrale Raad van Beroep. Het eerste wrakingsverzoek werd afgewezen, waarna verzoeker opnieuw wraking aanvroeg. Dit tweede verzoek werd niet in behandeling genomen omdat verzoeker geen concrete feiten en omstandigheden had aangedragen. Vervolgens diende verzoeker een derde wrakingsverzoek in.
De Raad overwoog dat het rechtsmiddel wraking niet bedoeld is om procedurele beslissingen aan te vechten en dat de enkele omstandigheid dat de rechters het College niet opnieuw hadden opgeroepen geen aanwijzing is voor vooringenomenheid. Gezien het feit dat verzoeker driemaal vergeefs wraking had verzocht en de wrakingsgronden vooral procedureel waren, concludeerde de Raad dat sprake was van misbruik van het wrakingsrecht.
Daarom werd het derde wrakingsverzoek afgewezen en op grond van artikel 8:18, vierde lid, van de Algemene wet bestuursrecht bepaald dat een volgend wrakingsverzoek niet in behandeling wordt genomen. De beslissing werd uitgesproken door de meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 20 december 2010.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek wordt afgewezen en een volgend wrakingsverzoek wordt niet in behandeling genomen wegens misbruik van het wrakingsrecht.