ECLI:NL:HR:2008:BD3744

Hoge Raad

Datum uitspraak
11 juli 2008
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
08/00922
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 Wet op de rechterlijke organisatie
Verwijzingen
2 uitgaand · 2 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beëindiging schuldsaneringsregeling wegens niet-nakoming verplichtingen

De rechtbank Breda sprak op 8 mei 2006 de toepassing van de definitieve schuldsaneringsregeling uit ten aanzien van verzoeker. Op 30 november 2007 stelde de rechtbank vast dat verzoeker toerekenbaar tekort was geschoten in de nakoming van een of meer uit de schuldsaneringsregeling voortvloeiende verplichtingen en beëindigde zij de regeling tussentijds.

Verzoeker stelde hiertegen hoger beroep in bij het gerechtshof te 's-Hertogenbosch. Het hof vernietigde bij arrest van 20 februari 2008 het vonnis van de rechtbank en stelde opnieuw vast dat verzoeker niet aan zijn verplichtingen had voldaan, beëindigde de schuldsaneringsregeling en bepaalde dat verzoeker niet automatisch in staat van faillissement verkeert zodra het arrest in kracht van gewijsde treedt.

Verzoeker stelde vervolgens beroep in cassatie in tegen het arrest van het hof. De Advocaat-Generaal adviseerde het beroep te verwerpen. De Hoge Raad oordeelde dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie konden leiden en wees het beroep af. De beschikking werd gegeven door de raadsheren van Buchem-Spapens, van Oven, Streefkerk en uitgesproken door Asser op 11 juli 2008.

Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de tussentijdse beëindiging van de schuldsaneringsregeling blijft in stand.

Uitspraak

11 juli 2008
Eerste Kamer
08/00922
RM/TT
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
[Verzoeker],
wonende te [woonplaats],
VERZOEKER tot cassatie,
advocaat: mr. M.L. Kleyn.
Verzoeker tot cassatie zal hierna worden aangeduid als [verzoeker].
1. Het geding in feitelijke instanties
Bij vonnis van de rechtbank Breda van 8 mei 2006 is ten aanzien van [verzoeker] de toepassing van de definitieve schuldsaneringsregeling uitgesproken.
Bij vonnis van 30 november 2007 heeft de rechtbank vastgesteld dat [verzoeker] toerekenbaar in de nakoming van een of meer uit de schuldsanering voortvloeiende verplichtingen is tekortgeschoten. De rechtbank heeft de toepassing van de schuldsaneringsregeling tussentijds beëindigd.
Tegen dit vonnis heeft [verzoeker] hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te 's-Hertogenbosch.
Na mondelinge behandeling heeft het hof bij arrest van 20 februari 2008 het vonnis van de rechtbank vernietigd en, opnieuw rechtdoende, vastgesteld dat [verzoeker] een of meer uit de schuldsaneringsregeling voortvloeiende verplichtingen niet naar behoren is nagekomen, de toepassing van de schuldsaneringsregeling beëindigd en bepaald dat [verzoeker] niet van rechtswege in staat van faillissement verkeert zodra dit arrest in kracht van gewijsde is gegaan.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof heeft [verzoeker] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Spier strekt tot verwerping van het beroep.
3. Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO Pro, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, J.C. van Oven en C.A. Streefkerk, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer W.D.H. Asser op 11 juli 2008.