ECLI:NL:HR:2008:BD5242
Hoge Raad
- Herziening
- G.J.M. Corstens
- W.A.M. van Schendel
- H.A.G. Splinter-van Kan
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herzieningsverzoek wegens onbetrouwbare geuridentificatieproef bij diefstal met geweld
De zaak betreft een verzoek tot herziening van een arrest van het Gerechtshof Arnhem waarin de aanvrager is veroordeeld voor diefstal met geweld, bedreiging en opzettelijke vrijheidsberoving. Het verzoek is gebaseerd op de stelling dat de geuridentificatieproef, uitgevoerd door de geurhondendienst Noord- en Oost-Gelderland, onregelmatig en onbetrouwbaar was omdat de hondengeleider op de hoogte was van de sorteervolgorde van de geurdragers.
De Hoge Raad overweegt dat in de periode van september 1997 tot maart 2006 dergelijke geurproeven in strijd met het protocol zijn uitgevoerd en dat het resultaat daarvan niet als betrouwbaar bewijs kan gelden. Voor herziening is vereist dat het resultaat van de geurproef voor het bewijs is gebruikt en dat zonder dit resultaat de rechter niet tot een bewezenverklaring zou zijn gekomen.
In deze zaak blijkt uit het vonnis van de Rechtbank dat het resultaat van de geuridentificatieproef niet als bewijs is gebruikt. Daardoor is er geen ernstig vermoeden dat het Hof de aanvrager anders zou hebben vrijgesproken. Het verzoek tot herziening is daarom kennelijk ongegrond en wordt afgewezen. Tevens is geen plaats voor een toelichting op de terechtzitting.
Uitkomst: Het verzoek tot herziening wordt afgewezen omdat het onregelmatige resultaat van de geuridentificatieproef niet als bewijs is gebruikt en er geen ernstig vermoeden bestaat dat de aanvrager anders vrijgesproken zou zijn.