ECLI:NL:HR:2008:BD7582
Hoge Raad
- Cassatie
- A. Hammerstein
- F.B. Bakels
- W.D.H. Asser
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Erkenning en tenuitvoerlegging Duitse kostenbeschikking op grond van EEX-Verordening
In deze zaak betrof het een verzoek tot erkenning en tenuitvoerlegging in Nederland van een Duitse 'Kostenfestsetzungsbeschluss', die was gebaseerd op een ex parte uitgevaardigde 'einstweilige Verfügung'. De voorzieningenrechter had het verzoek van Feinchemie gehonoreerd, waarna Realchemie hiertegen bezwaar maakte en de rechtbank 's-Hertogenbosch het verzoek afwees.
Realchemie stelde in cassatie dat de Duitse beschikking geen beslissing in de zin van de EEX-Verordening was, omdat deze zonder mondelinge behandeling en zonder toepassing van hoor en wederhoor was genomen. Daarnaast voerde Realchemie aan dat de weigeringsgrond van artikel 34 lid 2 EEX Pro-Verordening van toepassing was, omdat zij niet was opgeroepen.
De Hoge Raad oordeelde dat voorlopige maatregelen die zonder oproeping worden gegeven en zonder betekening niet onder hoofdstuk III van de EEX-Verordening vallen, maar dat dit niet geldt indien de beschikking wel aan de wederpartij is betekend en tegen die beschikking bezwaar of verzet mogelijk is. In deze zaak was de Duitse beschikking aan Realchemie betekend en kon zij bezwaar maken, zodat erkenning en tenuitvoerlegging mogelijk waren.
Verder verwierp de Hoge Raad het beroep op artikel 34 lid 2 EEX Pro-Verordening, omdat deze weigeringsgrond alleen ziet op verstekvonnissen en niet op situaties waarin de wederpartij niet behoefde te worden opgeroepen.
De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde daarmee de erkenning en tenuitvoerlegging van de Duitse kostenbeschikking in Nederland.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de erkenning en tenuitvoerlegging van de Duitse kostenbeschikking in Nederland.