ECLI:NL:HR:2008:BE9569
Hoge Raad
- Herziening
- G.J.M. Corstens
- B.C. de Savornin Lohman
- W.A.M. van Schendel
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herzieningsverzoek wegens geurproef bij poging tot diefstal door inklimming
De zaak betreft een verzoek tot herziening van een veroordeling wegens poging tot diefstal door inklimming in het pand van een bedrijf te Arnhem op 15 december 2002. De aanvrager werd destijds veroordeeld tot 67 dagen gevangenisstraf. Het verzoek tot herziening is ingediend naar aanleiding van een brief van het Arrondissementsparket waarin werd gemeld dat geuridentificatieproeven in de periode 1997-2006 mogelijk onjuist waren uitgevoerd.
De geuridentificatieproef, uitgevoerd door speurhond Max, toonde geurovereenkomsten aan tussen geurmonsters van gevonden gereedschap en de geurdragers van de aanvrager en medeverdachten. De aanvrager stelde dat zonder deze geurproef geen veroordeling mogelijk zou zijn geweest. De Hoge Raad overweegt echter dat het bewezenverklaarde ook zonder de geurproef kan worden afgeleid uit het overige bewijsmateriaal, zoals de aanwezigheid van de aanvrager in het pand kort na het alarm, zijn vluchtpoging en het ontbreken van een geloofwaardige verklaring.
De Hoge Raad concludeert dat geen sprake is van een omstandigheid die herziening rechtvaardigt en wijst het verzoek af. Tevens is geen aanleiding tot toelichting op de terechtzitting. Het arrest is gewezen door de vice-president en raadsheren van de Strafkamer op 2 september 2008.
Uitkomst: Het verzoek tot herziening wordt afgewezen omdat het bewezenverklaarde ook zonder de geurproef kan worden afgeleid uit het overige bewijsmateriaal.