ECLI:NL:HR:2008:BF0766
Hoge Raad
- Herziening
- G.J.M. Corstens
- W.A.M. van Schendel
- J. de Hullu
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herzieningsverzoek wegens onbetwiste schuld ondanks geurproef onregelmatigheden
De zaak betreft een verzoek tot herziening van een veroordeling voor diefstal uit een restaurant in Apeldoorn op 3 november 2001. De aanvrager werd destijds veroordeeld tot drie maanden gevangenisstraf wegens diefstal waarbij braak en inklimming werden toegepast. Het verzoek tot herziening is gebaseerd op onregelmatigheden bij de geuridentificatieproef uitgevoerd door de geurhondendienst Noord- en Oost-Gelderland, waarbij de hondengeleider vooraf op de hoogte was van de sorteervolgorde van geurdragers, wat de betrouwbaarheid van het bewijs zou ondermijnen.
De Hoge Raad overweegt dat hoewel de geuridentificatieproef niet betrouwbaar kan worden geacht, uit het overige bewijsmateriaal, waaronder getuigenverklaringen, aangetroffen geldbedrag bij de aanvrager, en de teruggevonden kassa-lade, met voldoende aannemelijkheid kan worden afgeleid dat de aanvrager de diefstal heeft gepleegd. Hierdoor is er geen ernstig vermoeden dat de rechter zonder het geurproefresultaat tot vrijspraak of een lichtere straf zou zijn gekomen.
De Hoge Raad wijst daarom het verzoek tot herziening af. Dit arrest bevestigt dat onregelmatigheden in een geuridentificatieproef niet automatisch leiden tot herziening indien het overige bewijs overtuigend is. De uitspraak werd gedaan door de Strafkamer van de Hoge Raad op 16 september 2008.
Uitkomst: Het verzoek tot herziening wordt afgewezen omdat ook zonder geurproefresultaat voldoende bewijs bestaat voor de schuld van de aanvrager.