ECLI:NL:HR:2008:BF5056

Hoge Raad

Datum uitspraak
2 december 2008
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
01800/07
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Rechters
  • F.H. Koster
  • A.J.A. van Dorst
  • W.M.E. Thomassen
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 RO
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping cassatieberoep in zaak putatief noodweerexces

Op 2 december 2008 heeft de Hoge Raad het cassatieberoep van verdachte verworpen in een strafzaak over putatief noodweerexces. Het beroep was ingesteld tegen een arrest van het Gerechtshof te Arnhem van 18 januari 2007. De advocaat van verdachte heeft middelen van cassatie voorgesteld, maar deze werden door de Advocaat-Generaal verworpen.

De Hoge Raad oordeelde dat de middelen niet tot cassatie konden leiden en dat nadere motivering niet nodig was omdat de middelen geen rechtsvragen opriepen die van belang waren voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling. Hierdoor bleef het arrest van het hof in stand.

Het arrest is gewezen door de vice-president F.H. Koster als voorzitter, samen met vice-president A.J.A. van Dorst en raadsheer W.M.E. Thomassen, en uitgesproken in aanwezigheid van de waarnemend griffier J.D.M. Hart.

Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte wordt verworpen, arrest hof Arnhem blijft in stand.

Uitspraak

2 december 2008
Strafkamer
nr. 01800/07
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te Arnhem van 18 januari 2007, nummer 21/006539-04, in de strafzaak tegen:
[Verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1973, wonende te [woonplaats].
1. Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. K. Canatan, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal Knigge heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
2. Beoordeling van de middelen
De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 RO Pro, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of rechtsontwikkeling.
3. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president F.H. Koster als voorzitter, de vice-president A.J.A. van Dorst, en de raadsheer W.M.E. Thomassen, in bijzijn van de waarnemend griffier J.D.M. Hart, en uitgesproken op 2 december 2008.