ECLI:NL:HR:2008:BG1113
Hoge Raad
- Cassatie
- A. Hammerstein
- F.B. Bakels
- W.D.H. Asser
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verzoek tot gerechtelijke vaststelling vaderschap minderjarige met verblijfplaats in Suriname
De moeder van een minderjarig kind, woonachtig in Suriname, verzocht de rechtbank Amsterdam om vaststelling van het vaderschap van de man en wijziging van de geslachtsnaam van het kind. De rechtbank verklaarde zich onbevoegd en verwees de zaak naar de rechtbank 's-Gravenhage. Daar werd een bijzonder curator benoemd en het verzoek uiteindelijk afgewezen.
De moeder stelde hoger beroep in bij het gerechtshof 's-Gravenhage, dat de afwijzing bevestigde. Vervolgens stelde zij beroep in cassatie bij de Hoge Raad. De man diende geen verweerschrift in, terwijl de bijzonder curator zich op het oordeel van de Hoge Raad beriep.
De Advocaat-Generaal adviseerde het cassatieberoep te verwerpen. De Hoge Raad oordeelde dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie konden leiden en dat geen nadere motivering nodig was omdat geen rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling aan de orde waren.
De Hoge Raad wees het cassatieberoep af en bevestigde daarmee de eerdere beslissingen van rechtbank en hof.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de afwijzing van het verzoek tot gerechtelijke vaststelling van het vaderschap.