ECLI:NL:HR:2008:BG5801
Hoge Raad
- Herziening
- G.J.M. Corstens
- W.A.M. van Schendel
- H.A.G. Splinter-van Kan
- Rechtspraak.nl
Herziening wegens nieuwe verzekeringsovereenkomst bij veroordeling WAM-zaak
De zaak betreft een herzieningsverzoek van een vonnis van de kantonrechter Utrecht, waarbij de aanvrager was veroordeeld wegens het niet sluiten en in stand houden van een verzekering overeenkomstig de Wet Aansprakelijkheidsverzekering Motorrijtuigen (WAM) voor een motorvoertuig met kenteken AA-00-BB op 19 juli 2006.
Bij de herzieningsaanvraag werd een verklaring van Nationale Nederlanden Schadeverzekering Maatschappij N.V. overgelegd, waaruit bleek dat er op die datum wel degelijk een geldige WAM-verzekering van kracht was. Deze verklaring was tot stand gekomen na het vonnis van de kantonrechter.
De Hoge Raad oordeelde dat deze nieuwe omstandigheid, zoals bedoeld in art. 457 Sv Pro, een ernstig vermoeden wekt dat de kantonrechter de aanvrager vrijgesproken zou hebben indien hij hiervan op de hoogte was geweest. Daarom werd de herziening gegrond verklaard, de tenuitvoerlegging van het vonnis geschorst en de zaak verwezen naar het Gerechtshof Amsterdam voor hernieuwde behandeling en beslissing.
De Advocaat-Generaal had eveneens geconcludeerd dat de herziening gegrond was en dat de zaak aan het hof moest worden terugverwezen. De Hoge Raad bevestigde dit en sprak het arrest uit op 2 december 2008.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart de herziening gegrond en verwijst de zaak terug naar het hof voor nieuwe behandeling.