ECLI:NL:HR:2008:BG6287

Hoge Raad

Datum uitspraak
9 december 2008
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
07/10792 H
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Herziening
Rechters
  • F.H. Koster
  • J.P. Balkema
  • J.W. Ilsink
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 457 SvArt. 468 SvArt. 8 Wegenverkeerswet 1994Art. 5 Wegenverkeerswet 1994
Verwijzingen
5 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing herzieningsverzoek wegens persoonsverwisseling in verkeerszaak

De zaak betreft een verzoek tot herziening van een vonnis van de Politierechter te 's-Gravenhage uit 2005, waarbij de aanvrager werd veroordeeld voor overtredingen van de Wegenverkeerswet 1994. Het verzoek tot herziening werd ingediend op grond van een vermeende persoonsverwisseling, hetgeen volgens de aanvrager een omstandigheid als bedoeld in art. 457, eerste lid, aanhef en onder 2°, Sv zou zijn.

De waarnemend Advocaat-Generaal concludeerde dat de aangevoerde omstandigheden niet kwalificeren als een omstandigheid die herziening rechtvaardigt. De Hoge Raad volgde deze conclusie en oordeelde dat de aanvrager onvoldoende heeft aangetoond dat sprake is van een persoonsverwisseling die aanleiding geeft tot herziening.

Op grond van art. 468 Sv Pro wees de Hoge Raad het verzoek tot herziening af. Hiermee blijft het oorspronkelijke vonnis van de Politierechter in stand, waarin de aanvrager werd veroordeeld tot geldboetes, subsidiaire hechtenis en een voorwaardelijke ontzegging van de rijbevoegdheid.

Uitkomst: De Hoge Raad wijst het verzoek tot herziening af wegens onvoldoende bewijs van persoonsverwisseling.

Uitspraak

9 december 2008
Strafkamer
nr. 07/10792 H
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op een aanvrage tot herziening van een in kracht van gewijsde gegaan vonnis van de Politierechter in de Rechtbank te 's-Gravenhage van 10 februari 2005, nummer 09/074933-04, ingediend door mr. S.M.C. van Beek, advocaat te 's-Gravenhage, namens:
[Aanvrager], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1972, ten tijde van de indiening van de aanvrage wonende te [woonplaats].
1. De uitspraak waarvan herziening is gevraagd
De Politierechter heeft de aanvrager ter zake van 1. "overtreding van artikel 8, tweede lid, aanhef en onder a van de Wegenverkeerswet 1994" en ter zake van 2. "overtreding van artikel 5 van Pro de Wegenverkeerswet 1994" veroordeeld ten aanzien van het onder 1 bewezenverklaarde tot een geldboete van € 460,-, subsidiair 9 dagen hechtenis, ten aanzien van het onder 2 bewezenverklaarde tot een geldboete van € 217,-, subsidiair 4 dagen hechtenis en ten aanzien van feit 2 tot een ontzegging van de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen voor de duur van 3 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren.
2. De aanvrage tot herziening
2.1. De aanvrage tot herziening is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
2.2. De aanvrage berust op de stelling dat sprake is van een omstandigheid als bedoeld in art. 457, eerste lid aanhef en onder 2°, Sv. De aanvrager voert daartoe aan dat sprake is van een persoonsverwisseling.
3. De conclusie van de waarnemend Advocaat-Generaal
De waarnemend Advocaat-Generaal Bleichrodt heeft geconcludeerd dat de Hoge Raad de aanvrage zal afwijzen.
4. Beoordeling van de aanvrage
Op de door de waarnemend Advocaat-Generaal in zijn conclusie genoemde gronden kunnen de door de aanvrager gestelde omstandigheden niet worden aangemerkt als omstandigheden als bedoeld in art. 457, eerste lid aanhef en onder 2°, Sv. De aanvrage is dus ongegrond en moet ingevolge art. 468 Sv Pro worden afgewezen.
5. Beslissing
De Hoge Raad wijst de aanvrage tot herziening af.
Dit arrest is gewezen door de vice-president F.H. Koster als voorzitter, en de raadsheren J.P. Balkema en J.W. Ilsink, in bijzijn van de waarnemend griffier J.D.M. Hart, en uitgesproken op 9 december 2008.