ECLI:NL:HR:2009:BB3450
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over teruggaaf Nederlandse omzetbelasting aan buiten de EU gevestigd reisbureau
Belanghebbende is een buiten de EU gevestigd reisbureau dat all-inclusive reizen naar Nederland aanbiedt zonder vaste inrichting in Nederland. De kern van het geschil betreft het recht op teruggaaf van de aan belanghebbende in rekening gebrachte Nederlandse omzetbelasting.
De vraag is of belanghebbende één of meerdere prestaties jegens derden heeft verricht en waar deze prestaties plaatsvinden. Advocaat-Generaal De Wit concludeert dat belanghebbende één dienst heeft verricht, namelijk een volledig verzorgde reis, en dat deze prestatie op grond van artikel 9, lid 1, van de Zesde richtlijn wordt geacht te zijn verricht in het land van vestiging buiten de EU.
De A-G wijst erop dat de arresten Debouche en Monte Dei Paschi Di Siena niet van toepassing zijn en dat er geen sprake is van asymmetrisch of selectief beroep op de Zesde richtlijn. Belanghebbende doet een beroep op de Wet op de omzetbelasting 1968 voor zowel voldoening als aftrek. Ook het bepaalde in artikel 3, lid 2, van de Dertiende richtlijn staat de teruggaaf niet in de weg omdat deze bepaling niet in de Wet OB is opgenomen.
De A-G adviseert de Hoge Raad het beroep gegrond te verklaren. De uitspraak wordt niet gepubliceerd.
Uitkomst: De Hoge Raad overweegt dat belanghebbende recht heeft op teruggaaf van Nederlandse omzetbelasting omdat de prestatie wordt geacht buiten de EU plaats te vinden.