ECLI:NL:HR:2009:BH0568
Hoge Raad
- Cassatie
- F.H. Koster
- J.W. Ilsink
- W.F. Groos
- Rechtspraak.nl
Vernietiging arrest wegens ontbreken motivering bewezenverklaring verduistering door financial controller
De zaak betreft een cassatieberoep tegen een arrest van het Gerechtshof Amsterdam waarin de verdachte, werkzaam als financial controller bij een bedrijf, werd veroordeeld voor verduistering van bedrijfsgelden door middel van overboekingen en kasopnames.
Het hof had de feiten bewezen verklaard, ondanks dat de verdediging stelde dat het geld werd rondgepompt ten behoeve van een zwarte kas binnen het bedrijf en niet voor eigen gewin. De verdediging voerde aan dat er onvoldoende wettig en overtuigend bewijs was voor verduistering, mede vanwege het ontbreken van een volledige boekhouding en de verklaringen van meerdere getuigen die het bestaan van een zwarte kas bevestigden.
De Hoge Raad oordeelde dat het hof in strijd met artikel 359, tweede lid, Sv niet in het bijzonder de redenen had gegeven voor het afwijken van het uitdrukkelijk onderbouwde verweer van de verdachte. Dit gebrek aan motivering leidt tot nietigheid van het arrest voor de bewezenverklaringen en de strafoplegging betreffende de feiten 1, 2 en 3.
Daarom vernietigt de Hoge Raad het arrest voor zover het deze feiten betreft en wijst de zaak terug naar het hof voor hernieuwde berechting. Het beroep wordt voor het overige verworpen.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd wegens het ontbreken van motivering en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde berechting.