ECLI:NL:HR:2009:BH1089

Hoge Raad

Datum uitspraak
30 oktober 2009
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
07/10519
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 25 lid 3 Algemene wet inzake rijksbelastingenArt. 27e Algemene wet inzake rijksbelastingen
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Voorwaarden voor omkering bewijslast bij niet-adequate belastingaangifte

In deze conclusie van advocaat-generaal IJzerman worden zes zaken behandeld waarin centraal staat of het opvoeren van relatief hoge aftrekposten in de belastingaangifte kan leiden tot het niet doen van de vereiste aangifte zoals bedoeld in de Algemene wet inzake rijksbelastingen.

De conclusie bespreekt de voorwaarden waaronder een inhoudelijk niet adequate aangifte als het ontbreken van de vereiste aangifte kan worden aangemerkt, met als gevolg de omkering van de bewijslast ten nadele van de belastingplichtige. Daarbij wordt benadrukt dat het begrip 'relatief aanzienlijk' nader moet worden gekwantificeerd, waarbij een normatief percentage wordt voorgesteld dat niet afhankelijk mag zijn van subjectieve factoren zoals opzet of verzwijging.

Voorts wordt gesteld dat de sanctie van omkering van de bewijslast pas mag intreden indien vaststaat dat de belastingplichtige zich bewust was van het niet aangeven van een relatief aanzienlijk bedrag. Dit vanwege de zwaarte van de sanctie. Daarnaast worden gerelateerde kwesties besproken, zoals de rol van te geringe bedragen en de afwezigheid van alle schuld.

De conclusie leidt tot het advies om het beroep in cassatie in de zaak 07/10519 ongegrond te verklaren. De uitspraak zelf wordt niet gepubliceerd.

Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard omdat niet is voldaan aan de voorwaarden voor omkering van de bewijslast.

Uitspraak

Uitspraak wordt niet gepubliceerd.