ECLI:NL:HR:2009:BH2156

Hoge Raad

Datum uitspraak
7 juli 2009
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
07/12480
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 RO
Verwijzingen
2 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping cassatie in zaak belastingfraude met winstvennootschappen en criminele organisatie

In deze strafzaak stond verdachte terecht voor belastingfraude door handel in aandelen van zogenoemde winstvennootschappen en deelname aan een criminele organisatie. Deze organisatie had als doel het doen van onjuiste aangiften vennootschapsbelasting en het omkopen van personen anders dan ambtenaren.

Na een arrest van het Gerechtshof Amsterdam werd door verdachte cassatie ingesteld bij de Hoge Raad. De raadsman van verdachte, mr. G. Spong, stelde middelen van cassatie voor. De Advocaat-Generaal concludeerde tot verwerping van het beroep.

De Hoge Raad oordeelde dat de middelen niet tot cassatie konden leiden en dat geen nadere motivering nodig was omdat er geen rechtsvragen in het belang van rechtseenheid of rechtsontwikkeling aan de orde waren. Het cassatieberoep werd derhalve verworpen.

Het arrest werd uitgesproken door de vice-president F.H. Koster als voorzitter en de raadsheren J.W. Ilsink en M.A. Loth op 7 juli 2009.

Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte wordt verworpen, waardoor het hofarrest in stand blijft.

Uitspraak

7 juli 2009
Strafkamer
Nr. 07/12480
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te Amsterdam van 13 juli 2007, nummer 23/001839-04, in de
strafzaak tegen:
[Verdachte 4], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1944, wonende te [woonplaats], zonder vaste woon- of verblijfplaats hier te lande.
1. Geding in cassatie
1.1. Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. G. Spong, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De waarnemend Advocaat-Generaal Bleichrodt heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
1.2. De raadsman heeft schriftelijk op de conclusie gereageerd.
2. Beoordeling van de middelen
De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dat behoeft, gezien art. 81 RO Pro, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
3. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president F.H. Koster als voorzitter, en de raadsheren J.W. Ilsink en M.A. Loth, in bijzijn van de waarnemend griffier J.D.M. Hart, en uitgesproken op 7 juli 2009.