ECLI:NL:HR:2009:BH5466
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt veroordeling tot betaling op grond van geldlening ondanks tegenbewijs
In deze zaak vorderde de verweerster betaling van diverse bedragen van eiser, gebaseerd op meerdere geldleningen. De rechtbank 's-Gravenhage heeft na bewijslevering, waaronder getuigenverhoren, eiser veroordeeld tot betaling van € 38.006,53, vermeerderd met rente en kosten.
Eiser stelde hoger beroep in tegen dit vonnis, waarbij het gerechtshof hem tot het leveren van tegenbewijs toeliet. Het hof bekrachtigde echter bij eindarrest de veroordeling van de rechtbank. Eiser stelde vervolgens beroep in cassatie in tegen zowel het tussenarrest als het eindarrest van het hof.
De Hoge Raad verklaarde het cassatieberoep niet-ontvankelijk voor zover het gericht was tegen het tussenarrest en verwierp het beroep voor het overige. De klachten van eiser konden niet tot cassatie leiden, mede omdat deze geen rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling bevatten. Eiser werd veroordeeld in de kosten van het geding in cassatie.
Uitkomst: Het cassatieberoep van eiser wordt niet-ontvankelijk verklaard voor het tussenarrest en verworpen voor het overige, waarmee de veroordeling tot betaling wordt bekrachtigd.