ECLI:NL:HR:2009:BH7539
Hoge Raad
- Herziening
- A.J.A. van Dorst
- W.A.M. van Schendel
- H.A.G. Splinter-van Kan
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herzieningsverzoek wegens onregelmatige geurproef bij bewezenverklaring geweldsdelict
De zaak betreft een verzoek tot herziening van een onherroepelijk vonnis waarin de aanvrager werd veroordeeld voor medeplegen van vrijheidsberoving, diefstal met geweld en afpersing. De herzieningsaanvraag baseerde zich op de stelling dat de geuridentificatieproef, uitgevoerd door de geurhondendienst Noord- en Oost-Gelderland, onregelmatigheden kende waardoor het bewijs onbetrouwbaar zou zijn.
De Hoge Raad bevestigt dat in de periode van september 1997 tot maart 2006 geurproeven door deze dienst vaak in strijd met het protocol werden uitgevoerd, waardoor de resultaten niet als betrouwbaar konden worden beschouwd. Dit leidde tot de vraag of de veroordeling zonder het resultaat van de geurproef stand zou houden.
De feiten betreffen een gewelddadige carjacking op 7 september 2003 waarbij de aanvrager samen met anderen betrokken was. Diverse verklaringen, waaronder die van het slachtoffer, getuigen en afgeluisterde telefoongesprekken, tonen een nauwe betrokkenheid van de aanvrager bij de gepleegde feiten. De Hoge Raad oordeelt dat het bewijs zonder de geurproef voldoende is om de bewezenverklaring te handhaven.
Daarom is er geen ernstig vermoeden dat de rechtbank de aanvrager vrijgesproken of minder zwaar gestraft zou hebben indien zij bekend was geweest met de onregelmatigheden bij de geurproef. Het verzoek tot herziening wordt dan ook afgewezen.
Uitkomst: De Hoge Raad wijst het verzoek tot herziening af en bevestigt de veroordeling van de aanvrager.