ECLI:NL:HR:2009:BH7603
Hoge Raad
- Cassatie
- A. Hammerstein
- F.B. Bakels
- W.D.H. Asser
- Rechtspraak.nl
Beëindiging schuldsaneringsregeling en toetsing cassatie
De zaak betreft een verzoek tot cassatie tegen het arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch, waarin het hof het vonnis van de rechtbank Breda heeft bekrachtigd dat de toepassing van de schuldsaneringsregeling van verzoekster tussentijds beëindigde. De bewindvoerder had de voordracht tot beëindiging gedaan, waarna de rechtbank en het hof dit hebben bevestigd.
Verzoekster stelde beroep in cassatie in tegen het arrest van het hof, maar de Hoge Raad oordeelt dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie kunnen leiden. Gezien artikel 81 van Pro het Wetboek van Rechtsvordering is geen nadere motivering vereist omdat de klachten geen rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling bevatten.
De Hoge Raad verwerpt het beroep en bevestigt daarmee de tussentijdse beëindiging van de schuldsaneringsregeling op grond van artikel 350 lid 3 onder Pro f van de Faillissementswet. Het arrest is gewezen door de raadsheren Hammerstein, Bakels en Asser en in het openbaar uitgesproken door raadsheer Numann op 29 mei 2009.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de tussentijdse beëindiging van de schuldsaneringsregeling blijft van kracht.