ECLI:NL:HR:2009:BH8600
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- J. de Hullu
- W.F. Groos
- Rechtspraak.nl
Verwerping cassatieberoep wegens overschrijding redelijke termijn zonder rechtsgevolg
De zaak betreft een cassatieberoep ingesteld door de verdachte tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch. De Hoge Raad beoordeelt allereerst de ontvankelijkheid van het eerste middel en stelt vast dat dit geen middel in de zin van de wet is, zodat het onbesproken blijft.
De overige middelen van cassatie worden eveneens verworpen zonder nadere motivering, omdat zij niet leiden tot beantwoording van rechtsvragen die van belang zijn voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling. Daarnaast beoordeelt de Hoge Raad ambtshalve de overschrijding van de redelijke termijn zoals bedoeld in artikel 6 EVRM Pro.
Hoewel de redelijke termijn meer dan twee jaar is overschreden, ziet de Hoge Raad gezien de opgelegde voorwaardelijke geldboete van € 240,- en de mate van overschrijding geen aanleiding om hieraan rechtsgevolgen te verbinden. Het beroep wordt derhalve verworpen en het arrest van het hof blijft in stand.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen ondanks overschrijding van de redelijke termijn, zonder rechtsgevolgen.