ECLI:NL:HR:2009:BH9954
Hoge Raad
- Herziening
- F.H. Koster
- J.P. Balkema
- W.M.E. Thomassen
- Rechtspraak.nl
Herziening wegens persoonsverwisseling in strafzaak vernieling
De zaak betreft een herzieningsverzoek tegen een vonnis van de Politierechter te Alkmaar van 27 januari 2006, waarin de aanvrager werd veroordeeld voor opzettelijke en wederrechtelijke vernieling van goederen die aan een ander toebehoren. De veroordeling bestond uit een werkstraf van veertig uur, subsidiair twintig dagen hechtenis, en betalingsverplichtingen aan benadeelde partijen.
De herzieningsaanvraag is gebaseerd op de stelling dat sprake is van persoonsverwisseling, een grond voor herziening zoals bedoeld in artikel 457, eerste lid, aanhef en onder 2°, Sv. De waarnemend Advocaat-Generaal concludeerde dat de aanvraag gegrond is en adviseerde de Hoge Raad om de tenuitvoerlegging van het vonnis op te schorten of te schorsen en de zaak terug te verwijzen naar het Gerechtshof te Amsterdam.
De Hoge Raad volgt deze conclusie en verklaart de herzieningsaanvraag gegrond. De zaak wordt verwezen naar het gerechtshof voor een volledige herbehandeling en afdoening op grond van artikel 467, eerste lid, Sv. Hiermee wordt de eerdere veroordeling opgeheven en krijgt de aanvrager een nieuwe kans op een correcte beoordeling.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart de herzieningsaanvraag gegrond wegens persoonsverwisseling en verwijst de zaak terug naar het gerechtshof voor herbehandeling.