ECLI:NL:HR:2009:BI2248
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- H.A.G. Splinter-van Kan
- C.H.W.M. Sterk
- Rechtspraak.nl
Vermindering gevangenisstraf wegens overschrijding redelijke termijn in cassatie
De zaak betreft een cassatieberoep van de verdachte tegen een arrest van het Gerechtshof te Leeuwarden. De Hoge Raad heeft het beroep inhoudelijk beoordeeld, maar geen van de middelen kon tot cassatie leiden. Wel constateerde de Hoge Raad dat de redelijke termijn zoals bedoeld in artikel 6 EVRM Pro was overschreden, omdat meer dan twee jaar waren verstreken sinds het instellen van het cassatieberoep.
Als gevolg hiervan heeft de Hoge Raad ambtshalve de opgelegde gevangenisstraf verminderd van dertig maanden naar 28 maanden. De overige onderdelen van het arrest van het hof blijven in stand. De Advocaat-Generaal had geconcludeerd tot verwerping van het beroep en de Hoge Raad volgt dit advies.
De uitspraak benadrukt het belang van de redelijke termijn in strafzaken en de consequenties van overschrijding daarvan. De vermindering van de straf is een sanctie voor de overschrijding, zonder dat de inhoudelijke beoordeling van de zaak wordt gewijzigd.
Het arrest is gewezen door de vice-president en twee raadsheren en uitgesproken op 23 juni 2009.
Uitkomst: De gevangenisstraf wordt verminderd tot 28 maanden wegens overschrijding van de redelijke termijn.