ECLI:NL:HR:2009:BI4198
Hoge Raad
- Cassatie
- D.H. Beukenhorst
- A. Hammerstein
- W.A.M. van Schendel
- F.B. Bakels
- W.D.H. Asser
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid dagvaarding op naam niet-bestaande rechtspersoon na fusie
De Stichting Algemene Woningstichting Houten (AWH) had een woning verhuurd aan [verweerder] c.s. Per 30 juni 2006 was AWH opgegaan in Stichting Viveste door fusie, waarbij Viveste ook de handelsnaam Algemene Woningstichting Houten gebruikte. Op 5 september 2006 werd een dagvaarding uitgebracht namens AWH, die formeel niet meer bestond.
De kantonrechter veroordeelde [verweerder] c.s. tot ontruiming van de woning. In hoger beroep stelde het hof dat AWH niet meer bestond en verklaarde zij niet-ontvankelijk in haar vorderingen. Viveste trad op als rechtsopvolgster maar het hof vond dat de procedure niet op naam van Viveste mocht worden voortgezet.
De Hoge Raad oordeelt dat Viveste vanaf het begin als materiële procespartij moet worden beschouwd en dat het gebruik van de naam van de niet meer bestaande AWH in de dagvaarding onjuist was, maar dat dit niet tot niet-ontvankelijkheid had mogen leiden. De zaak wordt vernietigd en verwezen naar het gerechtshof te 's-Hertogenbosch voor verdere behandeling, waarbij Viveste de partijnaam mag aanpassen.
Uitkomst: Hoge Raad verklaart AWH niet-ontvankelijk, vernietigt hofarresten en verwijst zaak voor verdere behandeling.