ECLI:NL:HR:2009:BI7084
Hoge Raad
- Cassatie
- F.H. Koster
- B.C. de Savornin Lohman
- J.W. Ilsink
- Rechtspraak.nl
Gebruik van een lokauto door politie niet onrechtmatig verklaard
In deze strafzaak stond de vraag centraal of het gebruik van een lokauto door de politie onrechtmatig was. Op 10 maart 2006 plaatste de politie een geprepareerde Fiat Punto op een locatie met veel autokraken. De auto was voorzien van een dummy-navigatiesysteem en een mobiele telefoon, zichtbaar voor passanten. De verdachte sloeg met een steen het raam in en nam het navigatiesysteem weg, waarna hij werd aangehouden.
De verdediging betoogde dat het gebruik van de lokauto onrechtmatig was omdat de politie hiertoe geen wettelijke bevoegdheid had, het gebruik disproportioneel was en de verdachte daardoor tot een delict werd gebracht waarop hij geen generiek opzet had. Het hof verwierp deze verweren en oordeelde dat het plaatsen van de lokauto niet onrechtmatig was omdat de verdachte niet tot andere handelingen werd gebracht dan waarop zijn opzet reeds was gericht, en de beginselen van proportionaliteit en subsidiariteit niet werden geschonden.
De Hoge Raad bevestigde het oordeel van het hof en stelde dat het plaatsen van een lokauto, ook zonder specifieke wettelijke regeling, niet ongeoorloofd is. De politie had niet meer gedaan dan het plaatsen van een onopvallende auto met een dummy-navigatiesysteem en een mobiele telefoon op een plek met veel autokraken, en vervolgens afgewacht wat er zou gebeuren. De redelijke termijn was overschreden, maar gezien de opgelegde taakstraf en de omstandigheden werd hieraan geen rechtsgevolg verbonden. Het beroep van de verdachte werd verworpen.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt dat het gebruik van een lokauto door de politie niet onrechtmatig is en wijst het cassatieberoep van de verdachte af.