ECLI:NL:HR:2009:BI8140
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- H.A.G. Splinter-van Kan
- C.H.W.M. Sterk
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid van herzieningsverzoek in zaak overtreding Wegenverkeerswet
In deze zaak heeft het Gerechtshof te Arnhem de aanvrager in hoger beroep veroordeeld voor drie overtredingen van artikel 9, zesde lid, van de Wegenverkeerswet 1994. De opgelegde straf bestond uit een taakstraf van 40 uur, subsidiair 20 dagen hechtenis, en een ontzegging van de rijbevoegdheid voor twee maanden.
De aanvrager heeft vervolgens een verzoek tot herziening ingediend bij de Hoge Raad, stellende dat er nieuwe feiten waren die niet tijdens het oorspronkelijke onderzoek aan de orde waren gekomen en die mogelijk tot een andere uitkomst hadden kunnen leiden. De Hoge Raad heeft dit verzoek beoordeeld aan de hand van artikel 457 Sv Pro, waarin is bepaald dat herziening slechts mogelijk is bij nieuwe feiten die het ernstig vermoeden wekken dat het onderzoek tot vrijspraak, ontslag van rechtsvervolging, niet-ontvankelijkheid of een lichtere straf had kunnen leiden.
De Hoge Raad verwijst naar een eerdere beslissing waarin een soortgelijk verzoek reeds niet-ontvankelijk werd verklaard en stelt dat de huidige aanvrage geen nieuwe feiten bevat die aan de criteria voldoen. Daarom is er geen aanleiding voor een mondelinge behandeling en wordt het verzoek tot herziening niet-ontvankelijk verklaard.
Uitkomst: Verzoek tot herziening van het arrest wordt niet-ontvankelijk verklaard.