ECLI:NL:HR:2010:BM4489
Hoge Raad
- Herziening
- A.J.A. van Dorst
- J. de Hullu
- H.A.G. Splinter-van Kan
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid van herzieningsverzoek inzake overtreding Wegenverkeerswet
De zaak betreft een aanvrage tot herziening van een arrest van het Gerechtshof te Arnhem waarin de aanvrager was veroordeeld voor overtreding van artikel 9, zesde lid, van de Wegenverkeerswet 1994. Het hof had de aanvrager veroordeeld tot een taakstraf van veertig uur, subsidiair twintig dagen hechtenis, en ontzegging van de rijbevoegdheid voor twee maanden.
De aanvrage tot herziening werd ingediend nadat een eerdere aanvrage tot herziening reeds niet-ontvankelijk was verklaard door de Hoge Raad op 16 juni 2009 (LJN BI8140). De huidige aanvrage steunt op dezelfde gronden die reeds ongenoegzaam zijn beoordeeld, waardoor deze wederom niet kan worden ontvangen.
De Hoge Raad bevestigt hiermee de niet-ontvankelijkheid van het herzieningsverzoek en laat het arrest van het hof ongewijzigd. De uitspraak werd gedaan door de vice-president en raadsheren van de Strafkamer op 18 mei 2010.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart het herzieningsverzoek niet-ontvankelijk vanwege reeds ongenoegzaam geoordeelde gronden.