ECLI:NL:HR:2009:BK2083
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- J. de Hullu
- H.A.G. Splinter-van Kan
- Rechtspraak.nl
Vernietiging arrest wegens onrechtmatige voortzetting zitting buiten aanwezigheid verdachte
In deze zaak stond een beroep in cassatie centraal tegen een bij verstek gewezen arrest van het Gerechtshof te Amsterdam. De verdachte was niet verschenen op de terechtzitting van 14 juni 2007, waarop het hof verstek tegen hem verleende en de zaak inhoudelijk behandelde. De raadsman van de verdachte had echter op 9 mei 2007 een verzoek tot aanhouding van de zitting ingediend, dat door de voorzitter van het hof was toegezegd en schriftelijk bevestigd op 11 mei 2007.
Desondanks werd de zaak op 14 juni 2007 zonder aanwezigheid van verdachte inhoudelijk behandeld en werd een arrest gewezen. De Hoge Raad oordeelde dat verdachte erop mocht vertrouwen dat de zaak niet zou worden behandeld op die datum, waardoor het onderzoek ten onrechte buiten zijn aanwezigheid plaatsvond.
Het middel van cassatie werd gegrond verklaard, het bestreden arrest vernietigd en de zaak terugverwezen naar het hof voor een nieuwe berechting op het bestaande hoger beroep. Hiermee werd het recht op een eerlijk proces en hoor en wederhoor gewaarborgd.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor nieuwe berechting.