ECLI:NL:HR:2010:BK6669
Hoge Raad
- Cassatie
- A. Hammerstein
- F.B. Bakels
- W.D.H. Asser
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt ongeldigheid testamentaire onterving volgens Nederlands-Antilliaans recht
De zoon heeft bij het gerecht in eerste aanleg van de Nederlandse Antillen een verzoek ingediend om voor recht te verklaren dat hij de wettelijk erfgenaam is van zijn overleden vader en om een notariële akte gedeeltelijk ongeldig te verklaren. Tevens vorderde hij dat de kleinkinderen zouden meewerken aan de verbetering van deze akte.
Het gerecht wees de vorderingen af, wat door de zoon werd bestreden in hoger beroep bij het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba. Dit hof bevestigde het vonnis van de eerste aanleg. Vervolgens stelde de zoon beroep in cassatie in bij de Hoge Raad.
De Hoge Raad oordeelde dat de klachten van het cassatieberoep niet tot cassatie konden leiden en verwierp het beroep zonder nadere motivering, aangezien er geen rechtsvragen waren die beantwoording behoefden in het belang van de rechtseenheid of rechtsontwikkeling. De zoon werd veroordeeld in de kosten van het geding.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de zoon wordt verworpen en het vonnis van het hof bevestigd.