ECLI:NL:HR:2010:BK6929
Hoge Raad
- Cassatie
- F.H. Koster
- J. de Hullu
- W.M.E. Thomassen
- C.H.W.M. Sterk
- M.A. Loth
- Rechtspraak.nl
Vermindering gevangenisstraf wegens hennepteelt en bewijswaardering getuigenverklaringen
De zaak betreft een cassatieberoep tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Gravenhage waarin verdachte is veroordeeld voor het opzettelijk telen van een groot aantal hennepplanten in een kas te Honselersdijk. Het hof baseerde zijn bewezenverklaring op verschillende bewijsmiddelen, waaronder verklaringen van verdachte en getuigen, politieprocessen-verbaal, en telefonische gegevens.
De verdediging voerde aan dat de verklaringen van een belangrijke getuige onbetrouwbaar en tegenstrijdig waren en daarom niet als bewijs konden dienen. Het hof heeft dit standpunt verworpen en geoordeeld dat ondanks de tegenstrijdigheden de verklaringen voldoende betrouwbaar en ondersteund door andere bewijsmiddelen zijn. De Hoge Raad bevestigt dat het hof hiermee heeft voldaan aan het motiveringsvereiste van artikel 359, tweede lid, Sv.
De Hoge Raad constateert dat de redelijke termijn voor de procedure is overschreden en vermindert daarom de opgelegde gevangenisstraf van tien maanden (waarvan vier voorwaardelijk) naar negen maanden en een week, waarvan vier maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar. Het beroep wordt voor het overige verworpen en het arrest van het hof wordt gedeeltelijk vernietigd en terugverwezen.
Uitkomst: De gevangenisstraf wordt verminderd tot negen maanden en een week, waarvan vier maanden voorwaardelijk.