ECLI:NL:HR:2010:BK8086
Hoge Raad
- Cassatie
- A. Hammerstein
- O. de Savornin Lohman
- W.D.H. Asser
- W.A.M. van Schendel
- Rechtspraak.nl
Verwerping cassatieverzoek inzake deskundigenbenoeming en waardebepaling onroerend goed
Verzoekster heeft bij de kantonrechter een verzoek ingediend om drie deskundigen te benoemen die de actuele waarde van een onroerend goed zouden bepalen. Dit verzoek werd door de kantonrechter afgewezen, waarna verzoekster hoger beroep instelde bij het gerechtshof. Het hof bekrachtigde de afwijzing van het verzoek.
Verzoekster stelde vervolgens beroep in cassatie in tegen de beschikking van het hof. Verweerders verzochten het beroep niet-ontvankelijk te verklaren of te verwerpen. De conclusie van de plaatsvervangend Procureur-Generaal strekte tot verwerping van het beroep op grond van artikel 81 van Pro het Wetboek van Rechtsvordering.
De Hoge Raad legde een brief van verzoeksters advocaat terzijde omdat deze te laat was ingediend. De Hoge Raad oordeelde dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie konden leiden en dat geen nadere motivering nodig was omdat de klachten niet relevant waren voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling.
Daarom werd het cassatieberoep verworpen en verzoekster werd veroordeeld in de kosten van het geding. De uitspraak werd gedaan door een kamer van raadsheren onder voorzitterschap van A. Hammerstein.
Uitkomst: Het cassatieberoep van verzoekster wordt verworpen en zij wordt veroordeeld in de kosten van het geding.