ECLI:NL:HR:2010:BK8101
Hoge Raad
- Cassatie
- J.B. Fleers
- O. de Savornin Lohman
- E.J. Numann
- J.C. van Oven
- W.A.M. van Schendel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging beperking bezoekregeling bij ondertoezichtstelling minderjarige
De rechtbank Rotterdam stelde een minderjarige voor de duur van één jaar onder toezicht en verlengde de machtiging tot plaatsing in een pleeggezin. De moeder verzocht om uitbreiding van de bezoekregeling, die door Bureau Jeugdzorg werd beperkt tot één bezoek per vier weken van een uur. Na afwijzing door de Stichting wendde de moeder zich tot de kinderrechter, die het verzoek tot intrekking van de aanwijzing en tot een ruimere omgangsregeling afwees.
De moeder ging in hoger beroep bij het gerechtshof te 's-Gravenhage, dat de beschikking van de kinderrechter bekrachtigde en het meer of anders gevorderde afwees. De moeder stelde vervolgens beroep in cassatie in bij de Hoge Raad. De Advocaat-Generaal adviseerde het cassatieberoep te verwerpen.
De Hoge Raad oordeelde dat de klachten van de moeder niet tot cassatie konden leiden en dat de beperking van de bezoekregeling noodzakelijk was met het oog op het doel van de uithuisplaatsing zoals bedoeld in artikel 1:263a BW. Het cassatieberoep werd verworpen en de beschikking van het gerechtshof bekrachtigd.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de beperkte bezoekregeling tussen moeder en minderjarige.