ECLI:NL:HR:2010:BL0564
Hoge Raad
- Herziening
- A.J.A. van Dorst
- J. de Hullu
- H.A.G. Splinter-van Kan
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herzieningsverzoek wegens onbetrouwbare geurproef bij diefstalzaken
De zaak betreft een verzoek tot herziening van een vonnis van de Rechtbank Almelo uit 2005, waarin de aanvrager is veroordeeld voor meerdere diefstallen gepleegd in de periode januari-februari 2005 in Enschede en omgeving. Het verzoek tot herziening is gebaseerd op de ontdekking dat geuridentificatieproeven, uitgevoerd door de geurhondendienst Noord- en Oost-Gelderland, mogelijk onjuist zijn uitgevoerd doordat de hondengeleider vooraf op de hoogte was van de sorteervolgorde van de geurdragers.
De Hoge Raad overweegt dat geuridentificatieproeven in de betreffende periode als onbetrouwbaar moeten worden beschouwd tenzij concrete aanwijzingen het tegendeel bewijzen. Echter, voor de feiten waarvoor de geurproef werd gebruikt als bewijs, is vastgesteld dat er ook zonder deze proeven voldoende ander bewijs aanwezig is, zoals dactyloscopisch spoor, werktuigsporen, schoensporen, verklaringen van medeverdachten, en DNA-sporen.
Daarom bestaat geen ernstig vermoeden dat de rechtbank de aanvrager voor deze feiten anders zou hebben vrijgesproken als de geurproef niet was gebruikt. Het verzoek tot herziening wordt dan ook afgewezen. De Hoge Raad bevestigt hiermee de eerdere veroordeling tot vijftien maanden gevangenisstraf voor de aanvrager wegens meerdere diefstallen met braak gepleegd in vereniging met anderen.
Uitkomst: Het verzoek tot herziening wordt afgewezen en de veroordeling tot vijftien maanden gevangenisstraf blijft in stand.