ECLI:NL:HR:2010:BL0664
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- J. de Hullu
- W.F. Groos
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt strafoplegging poging tot doodslag en vernieling ondanks gemotiveerde voorwaardelijke straf
De verdachte werd door het hof veroordeeld tot een gevangenisstraf van 24 maanden, waarvan 8 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar, wegens poging tot doodslag en vernieling. Het hof motiveerde de straf met de ernst van het geweld, het risico op de dood door het slaan op het hoofd, en de eerdere geweldsdelicten van verdachte. Ook speelde mee dat het slachtoffer de confrontatie zocht en had gedreigd.
De verdachte stelde cassatieberoep in tegen de strafoplegging, stellende dat de strafmotivering onbegrijpelijk was. De Hoge Raad oordeelde dat het hof voldoende heeft gemotiveerd waarom een gedeelte van de straf voorwaardelijk werd opgelegd, met het oog op gedragsbeïnvloeding van verdachte.
De Hoge Raad verwierp het middel en bevestigde het arrest van het hof. De strafoplegging was toereikend en niet onbegrijpelijk gemotiveerd. Hiermee bleef de straf van 24 maanden gevangenisstraf, waarvan 8 maanden voorwaardelijk, in stand.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de straf van 24 maanden gevangenisstraf, waarvan 8 maanden voorwaardelijk, voor poging tot doodslag en vernieling.