ECLI:NL:PHR:2010:BL0664
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt arrest hof wegens onbegrijpelijke strafmotivering bij poging doodslag en vernieling
Het gerechtshof te Leeuwarden veroordeelde verdachte wegens poging tot doodslag en vernieling tot 24 maanden gevangenisstraf, waarvan acht maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar. Het hof motiveerde dat het slachtoffer de confrontatie zocht en verdachte persoonlijke omstandigheden had, waardoor een gedeeltelijk voorwaardelijke straf passend werd geacht.
De advocaat-generaal bij de Hoge Raad stelde echter dat de strafmotivering onbegrijpelijk is. Door de nieuwe regeling van de voorwaardelijke invrijheidstelling, die sinds 1 juli 2008 van kracht is, moet verdachte de volle zestien maanden van de onvoorwaardelijke straf uitzitten. Onder de oude regeling zou dit slechts tien en een halve maand zijn geweest. De proeftijd van twee jaar in combinatie met de nieuwe regeling leidt ertoe dat verdachte feitelijk zwaarder wordt gestraft dan bij een geheel onvoorwaardelijke straf.
De Hoge Raad concludeert dat het hof de gevolgen van de nieuwe regeling niet heeft meegewogen en dat de strafmotivering daarom niet kan dragen. De conclusie is dat het arrest vernietigd moet worden en de zaak moet worden terugverwezen naar het hof voor een nieuwe beoordeling van de straftoemeting.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde beoordeling van de straftoemeting.