ECLI:NL:HR:2010:BL1051
Hoge Raad
- Cassatie
- D.G. van Vliet
- P. Lourens
- E.N. Punt
- J.A.C.A. Overgaauw
- M.A. Fierstra
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vermindert naheffingsaanslag en boete omzetbelasting na cassatie
Belanghebbende kreeg voor de periode van 1 januari 2001 tot en met 31 december 2004 een naheffingsaanslag omzetbelasting en een boete opgelegd. Na bezwaar handhaafde de Inspecteur deze aanslag en boete. De rechtbank Leeuwarden verklaarde het beroep van belanghebbende ongegrond, en het hof bevestigde deze uitspraak in hoger beroep.
Belanghebbende stelde vervolgens beroep in cassatie in bij de Hoge Raad, met drie middelen. De Advocaat-Generaal concludeerde tot gegrondverklaring van het cassatieberoep, vernietiging van de uitspraken van hof en rechtbank, en afdoening door de Hoge Raad zelf.
De Hoge Raad verklaarde het cassatieberoep gegrond, vernietigde de eerdere uitspraken en stelde de naheffingsaanslag vast op € 96.122 en de boete op € 15.833. Tevens werd de Staat veroordeeld tot vergoeding van het griffierecht en de Inspecteur tot betaling van proceskosten voor het hof en de rechtbank. De zaak werd afgedaan zonder nadere motivering van de middelen, mede vanwege samenhang met een andere zaak.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart het cassatieberoep gegrond, vermindert de naheffingsaanslag en boete, en veroordeelt de Inspecteur in proceskosten.