ECLI:NL:HR:2010:BL2945
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- J. de Hullu
- C.H.W.M. Sterk
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt toewijzing schadevergoeding na diefstal ondanks betwisting verdachte
In deze jeugdzaak stond de vraag centraal of het hof de schadevergoeding aan de benadeelde partij terecht had vastgesteld op €962, ondanks de betwisting door verdachte van de hoogte van deze vordering. De diefstal betrof onder meer een witgouden horloge met diamanten, waarvan de waarde moeilijk vast te stellen was wegens het ontbreken van aankoopnota’s en taxatierapporten.
De benadeelde partij had een vordering ingediend die was gebaseerd op een taxatie van het horloge vijftien jaar eerder en een verklaring van Slachtofferhulp Nederland. Verdachte betwistte de waarde van het horloge en stelde dat het horloge slechts €60 waard was, maar kon dit niet met bewijs onderbouwen. Het hof achtte de verklaring van een medeverdachte die het horloge had zien meenemen voldoende om de vordering toe te wijzen.
De Hoge Raad oordeelde dat het hof zijn oordeel niet onbegrijpelijk had gemotiveerd en dat er geen reden was om het vonnis te vernietigen. Verdachte kon de hoogte van de schadevergoeding niet in cassatie aanvechten, omdat het hof de vordering ex aequo et bono had vastgesteld en de betwisting onvoldoende onderbouwd was. Het beroep werd verworpen en de schadevergoeding van €962 bleef in stand.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de toewijzing van een schadevergoeding van €962 aan de benadeelde partij.