ECLI:NL:HR:2010:BL4329
Hoge Raad
- Cassatie
- P. Lourens
- C.B. Bavinck
- P.M.F. van Loon
- Rechtspraak.nl
Geen aftrekbare arbeidsbeloning voor niet bedongen rente op schuld dga aan BV
Belanghebbende, een BV, had per 1 januari 2001 een renteloze rekening-courantvordering op haar enige aandeelhouder en directeur (dga) A. Het rentevoordeel werd bij A als inkomen uit werk en woning belast. De vraag was of dit rentevoordeel bij de BV als loonkosten ten laste van de fiscale winst mocht worden gebracht.
De Rechtbank en het Hof verklaarden het beroep van belanghebbende ongegrond en bevestigden dat het afzien van rente niet tot een aftrekpost leidt bij de BV. Het Hof verwierp ook de stelling dat sprake was van een informele kapitaalstorting, omdat de BV niet werd verrijkt.
In cassatie betoogde belanghebbende dat het rentevoordeel als arbeidsvergoeding als ondernemingskosten aftrekbaar moest zijn, maar de Hoge Raad verwierp dit. De Hoge Raad oordeelde dat het rentevoordeel niet leidt tot een lagere winst bij de BV, omdat de winst niet wordt verhoogd met rente, maar ook niet mag worden verlaagd met het rentevoordeel. Andere middelen faalden eveneens. De Hoge Raad verklaarde het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard; geen aftrekbare arbeidsbeloning voor niet bedongen rente.