ECLI:NL:HR:2010:BL9547
Hoge Raad
- Cassatie
- A. Hammerstein
- F.B. Bakels
- W.D.H. Asser
- Rechtspraak.nl
Beëindiging toepassing schuldsanering wegens niet-naleving informatieplicht en nieuwe schulden
De zaak betreft een verzoeker die in het kader van de Wet schuldsanering natuurlijke personen (Wsnp) onder bewind staat. De rechtbank Zutphen heeft op 6 mei 2008 en 16 september 2009 vonnissen gewezen waarin de toepassing van de schuldsanering tussentijds werd beëindigd. Het hof Arnhem bevestigde deze beslissing in een arrest van 26 oktober 2009.
De reden voor de beëindiging was dat de schuldenaar niet voldeed aan zijn informatieplicht jegens de bewindvoerder, zoals voorgeschreven in artikel 350 lid 3 onder Pro c van de Faillissementswet. Daarnaast had de schuldenaar bovenmatige nieuwe schulden laten ontstaan, wat de voortzetting van de schuldsanering onhoudbaar maakte.
De verzoeker stelde beroep in cassatie in tegen het arrest van het hof. De Advocaat-Generaal adviseerde tot verwerping van het cassatieberoep. De Hoge Raad oordeelde dat de klachten van de verzoeker niet tot cassatie konden leiden en dat geen nadere motivering nodig was omdat de klachten geen rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling bevatten.
Uiteindelijk heeft de Hoge Raad het cassatieberoep verworpen en het arrest van het hof bevestigd, waarmee de tussentijdse beëindiging van de schuldsanering rechtsgeldig bleef.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde de tussentijdse beëindiging van de schuldsanering.